Home » Uncategorized » Zondag, dag 105: De (on)zin van het Leven

Zondag, dag 105: De (on)zin van het Leven

Vandaag begon de dag vroeg voor me, ik was al om half 6 wakker. Ik heb op mijn mobiel nog wat vogelgeluiden geluisterd van vogels waarvan ik me afvroeg hoe ze klinken, maar daar maar niet aan toe was gekomen. En daarmee werd ik weer een stukje meer wakker en op gegeven moment maar opgestaan. De dag was ook een vat van tegenstrijdige belevingen.

Ik begon deze dag met de volgende gedachten: dat ik me werkelijk afvraag wat de zin van het leven is. Waarom zijn wij mensen er, waarom is er Ć¼berhaupt leven!? Het enige doel van de natuur is in beginsel voortplanting, zorgen dat de soort niet uitsterft. En blijkbaar is evolutie onbedoeld ook een soort doel geworden, steeds beter worden in niet uitsterven door je aan te passen aan de veranderende omgeving. Maar waarom? Wat als alles uitsterft? Wie maalt daarom? God? Als hij bestaat, ‘what was he thinking’ toen hij besloot de aarde te scheppen en de mens naar zijn evenbeeld te maken… even los van de vraag of wij nog steeds op zijn evenbeeld lijken na zoveel jaren evolueren, is het nut volslagen onzinnig. Je creĆ«ert iets en het enige doel is dit in stand te houden, ongeacht wat het kost. Want het kost veel! Hoeveel mensen ploeteren zich niet door het leven. En voortplanting? Ik kan me niet voortplanten, ik ben daar fysiek niet toe in staat maar heb ook geen relatie om andermans kind verder te brengen. Dus het doel van het leven is in elk geval niet met mijn leven bereikt. Daar komt nog bij dat ik, of wie dan ook, er helemaal niet voor gekozen hebben om tot leven gebracht te worden! Dat hebben mijn ouders gedaan, net als alle andere ouders van iedereen. Iedereen doet maar wat anderen deden. Vroeger had je naast het voorkomen van uitsterven wellicht ook kinderen om iemand die voor je kan zorgen als je oud wordt. Inmiddels is de gezinsfunctie op dat vlak ook al lang niet meer wat het was. Heel veel ouderen met kinderen sterven toch alleen of onverzorgd, omdat de kinderen die zorg niet willen of kunnen geven. In elk geval in onze cultuur.

Maar naast het feit dat ik niet gekozen heb om tot leven gebracht te worden, heb ik zelfs ook niet het recht om het beƫindigen! We hebben het leven zo strak ingericht met wetten, op basis van allerlei morele overtuigingen, dat het beƫindigen van het leven strafbaar is! In de medische wereld gaat het zelfs zo ver dat ze er alles aan moeten doe om iemand in leven te houden. Of die het wil of niet. Zelfs als het leven mensonterend, levensonterend is, mag het niet beƫindigd worden. Ik begrijp sommige mensen wel die op welk moment dan ook in het leven het leven willen beƫindigen. Altijd maar voortploeteren, en waarom? Om te streven naar geluk? Geluk als levensdoel? Of Geld? Al dat zoeken naar geld, geluk, invulling is alleen maar om leegte in te vullen. Leegte van gemis aan aandacht, aan gezien worden, aan liefde, aan begrip, aan voldoende eten en drinken, aan kennis, allemaal nodig om dit leven te kunnen leven. En daarom zijn sommige mensen volgens mij zo druk bezig om hun leven een eigen doel te geven: zoveel mogelijk macht, zodat je ze niet om je heen kunnen en je wel gezien moet worden; zoveel mogelijk geld, zodat je nooit in armoede of met gebrek hoeft te leven. Maar wat als je al meer dan genoeg geld hebt? Of genoeg gezien wordt. Het is nog eens nooit genoeg. Het is misschien kort door de bocht en psychologie van de koude grond, maar goed.

Vandaag had ik me voorgenomen al mijn films en series te bekijken op mijn harddisk van mijn digidecoder. En als ik daarin slaag dan kan ik vanavond een nieuw abonnement voor Ziggo nemen met nog meer kanalen, met nog meer films en series, waar ik de tijd niet voor heb om die te zien. En daar dan dagen voor moet opofferen, die ik ook anders kan besteden. Want tijd besteden moeten we. En daar komt nog ook nog weer eens bij dat we enorme stress kunnen beleven aan het feit dat de tijd zo snel gaat. Verhoudingsgewijze gaat de tijd niet snel, wij beleven dat zo. Omdat we zo druk zijn met onze dagen vullen dat we nooit echt ergens tijd voor hebben. En vervolgens gaan we multi-tasken. In dezelfde tijd nog meer dingen tegelijk doen, die we nooit 100% kunnen doen, omdat ons hersens (over het algemeen) daar niet toe in staat zijn (ook al beweren bepaalde mensensoorten, vrouwen, van wel). En het levert alleen maar nog meer stress en druk op. Want echt genieten van 4 dingen tegelijk kan echt niet! En waarom? Alles om het leven maar zo goed mogelijk in te vullen, zo nuttig mogelijk als het meezit, of zo zinloos… de hele dag Netflix kijken, zelfde verhaal. We maken films en series voor vermaak, zodat we de tijd die we in het leven doorbrengen, als we de middelen tenminste hebben, zo fijn mogelijk doorbrengen. Om weer een gevoel van geluk, plezier te beleven. Want verhoudingsgewijze beleven we volgens mij maar 5 tot 10 % van onze tijd echt geluk over het algemeen, als we geluk hebben.

Nee, vandaag is zo’n dag dat ik aan het eind van de dag hoop toch echt meer nut te zien van het leven dan mijn wasjes opgeruimd te hebben, mijn aanrecht op orde, mijn pilletjes netjes geslikt, mijn wasjes gedraaid en opgehangen en mijn stapel met bladen doorgelezen te hebben. Dit laatste gaat al helemaal niet lukken want daar is volgens mij nog een andere dag voor. En ik vind dat ik dat ook allemaal moet! Dat is nog het ergste! Waarom moet ik zo nodig die harde schijf afgekeken hebben? Ik kan de hele boel eraf flikkeren door het te verwijderen, dat geeft waarschijnlijk nog een beter gevoel dan continue de druk te voelen nog iets te moeten zien, te lezen, te moeten doen. Minimaliseren, minimalistisch leven, dat geeft blijkbaar rust. Eigenlijk betekent dat terug gaan naar de oorsprong, toen we nog eenvoudige mensen waren die niet alles moesten ontwikkelen wat we nu gedaan hebben. De onbeheersbare wereld die we langzaam maar zeker met al onze ijver aan het afbreken zijn. Het leven heeft als doel te overleven maar wij mensen doen precies het omgekeerde. We hebben verschillende dier- en plantensoorten al de nek omgedraaid. Die zijn niet verdwenen omdat ze zich niet konden voortplanten, maar omdat wij ze die kans niet gaven. Het enige waar wij echt goed in zijn is onszelf voortplanten. Dat doel lijken we heel goed te voelen in het leven. 2050 zijn er geloof ik 9 miljard als het er niet 12 zijn. Ooit waren we maar met een paar 1000 denk ik… Dat hebben we goed gedaan, maar we zijn vergeten voor de rest te zorgen.

Nee in de ochtend voelde ik alleen maar melancholie, ik zie het nut niet. Ik begrijp wel dat ik ook de instelling kan hebben dat ik er nu eenmaal ben, of ik er voor gekozen heb of niet. En dat ik er dus maar het beste van kan maken. Of dat nu kortstondig plezier aan series en films of ander soortig vertier is of een wandeling door de mooie natuur om me heen, die echter ook helemaal gemaakt is door de mens. Niets wat er in mijn buurt is, is nog zoals het voor 1980 was, laat staan meer dan 100 jaar geleden. Ja, wij mensen maken er wellicht het beste van in het leven voor ons zelf, en hopelijk voor elkaar, en ook dat hebben we goed gedaan. Met de uitvinding van het wiel en de ontdekking van vuur hebben we heel veel nuttige en handige dingen ontwikkelt. Maar ook veel schadelijke. Vanuit onze kortzichtigheid hebben we allerlei materialen ontwikkelt die schadelijk zijn. Of zijn we juist alle grondstoffen van de wereld aan het opmaken om nog meer nuttige en handige dingen te ontwikkelen. Het doel van voortplanten is verschoven naar het doel van economie: het geld moet blijven circuleren, er moet meer en meer verdiend worden. Ten koste van wat dan ook. Ja, we vinden de natuur zo belangrijk, we moeten maatregelen nemen tegen onze eigen uitvindingen om de aarde te bewaren, de uitstoot te verminderen, die veroorzaakt wordt door onze uitvindingen. Maar als het economisch belang in het geding komt, dan moet zelfs de natuur, waar wij allen van afhankelijk zijn, wijken. Denk maar aan het vliegveld bij Lelystad. Er zijn vast veel mensen die belang hebben bij die zogenaamde economische groei. Dat dit ten kosten gaat van de natuur, het menselijk welzijn, zeker voor degenen die in de buurt wonen of in de aanvliegroutes wonen, die zich nu nog in een natuurlijk paradijs wanen, maakt dan niet uit blijkbaar. Maar er zijn mensen die er blijkbaar gelukkiger van worden, die er iets aan overhouden, veel of weinig, maar vooral in hun voordeel. Ik ben benieuwd hoe dat werkt met de politiek. Er wordt gelobbyd, maar wat betekent dat? Dat er geld geschoven wordt? Dat er onderzoeken gedaan worden waarbij informatie die negatief uitvalt weggelaten wordt? De mens is vindingrijk geworden in zichzelf in stand te houden. Maar dan gaat het niet om de voortplanting maar om het behoud van rijkdom. En waarom? Om nog meer gemis te vullen, nog meer leegte te vullen, om nog meer het gevoel te hebben dat het echt allemaal ergens goed voor is. En dan zie ik de kindertjes in Afrika, die verhongeren. Vreselijk, en waarom? Omdat wij mensen ons maar blijven voortplanten en blijven wonen in een omgeving waar je helemaal niet met zoveel mensen kan wonen, waar je je niet moet voortplanten omdat er gewoon niet de omstandigheden naar zijn. En vervolgens gaat de rest van de wereld die arme kinderen redden en helpen omdat het (zeker waar) zo zielig is. En met die hulp blijven die mensen zich maar voortplanten, omdat niemand zegt dat het genoeg is. Of het besef heeft dat het niet eerlijk is voor die kinderen die er van komen. De oerdrift van de mens zit er nu eenmaal in. Kan je geen Netflix kijken, dan ga je je maar voortplanten. Of allebei. En dan is er nog de morele maatschappij die ook nog zegt dat je het niet mag voorkomen zelfs al kan dat door voorbehoedsmiddelen.

Pfff, als ik dit zo allemaal uit mijn toetsenbord ram, voel ik me ineens enorm moe. Ik weet dat ik me morgen, of misschien straks, al weer helemaal anders voel, maar af en toe is het goed om eens te bedenken waar ik sta in het leven. En misschien helpt het me om een doel te vinden, anders dan voortplanten. Ook ik ben weer te egocentrisch om al mijn vrije tijd te gaan steken in de zorg voor anderen. Ik heb ook genoeg gemis en waarschijnlijk ben ik, net als velen ook bezig om daar niets aan te doen. In zelfbeklag blijven hangen, slachtoffer voelen en dat ook laten weten. Dat is de andere kant van ons leven. Het is nooit genoeg, het is nooit goed, er is altijd wat. En er iets aan doen wil ik eigenlijk ook niet, dat moet een ander maar doen. Of misschien is dit vooral de Westerse cultuur. Wellicht dat in ander delen van de wereld de dingen niet beleefd worden zoals ik dat doe. Omdat zij wel bezig zijn met de basis van het leven, nemen wat je nodig hebt en niet meer, teruggeven voor wat je neemt, delen, eerlijkheid, openheid, tevredenheid, puur geluk voelen bijna 100% van de tijd, geen gevoel van tijdnood maar alle tijd van de wereld hebben, leven in harmonie met de natuur, met de dieren en de planten. Het voelt voor mij als een utopie. Nu wel even in elk geval.

De andere kant van dit verhaal is natuurlijk dat mensen heel mooie dingen hebben gerealiseerd. Muziek, kunst, mooie natuur, en ook dat de mensen wel zorg zijn gaan dragen voor dieren. Het is maar over wie je het hebt. Ik kan de mensheid niet over Ć©Ć©n kam scheren, dat zou ook kortzichtig zijn. De zin van het leven is natuurlijk niet om kunst, muziek of mooie gebouwen te maken, maar wel dat leven dat we nu eenmaal moeten leiden, niet tot alleen maar lijden laten leiden. Het feit dat we enorm kunnen genieten van het maken van kunst, muziek en wat dan ook, en het feit dat heel veel mensen daar ook weer van kunnen genieten, is ook wel wat waard. Ik kan wel gaan zitten janken over het feit dat ik niet gekozen heb om te leven, niet gekozen heb om een erfelijke ziekte te hebben en mijn hele leven daarom heen heeft moeten draaien, maar het feit is dat ik ook heel veel gelukkige momenten ken. Of die het waard maken wat ik allemaal beleef dagelijks, is natuurlijk de vraag, maar ja, het is nu eenmaal wat het is.

En als ik Ć©Ć©n ding in het leven geleerd heb, dan is het wel dat het leven tot op zekere hoogte ook maakbaar is. Dat we daar hard aan werken in negatieve zin, wil niet zeggen dat we daar niet ook hard aan werken in positieve zin. Er zijn zoveel mensen die goed doen, niet omdat het een leegte vult maar omdat het echt iets oplevert, liefde geven, zorg geven, zeker aan de natuur, betaalt zich bijna altijd terug. Kijk maar naar een hond, die is altijd blij zijn baas te zien, hoe hard hij ook gestraft is vlak ervoor. Trouw, liefdevol, dankbaar. Nu is de mens zeker geen hond, maar wat je een hond geeft, krijg je dubbel terug. Hoe meer liefde je geeft, hoe meer liefde je terug krijgt van die hond. En dat geldt voor heel veel andere dingen ook. Ik wil niet als pessimist door het leven, zo is mijn levensinstelling nooit geweest, ik wil het positieve blijven zien, ook al heb ik mijn terugvalmomenten, zoals ik hiervoor beschreven heb. Ik blijf erbij dat een aantal mensen in de wereld echt niet het beste voor hebben met anderen, die vooral voor zichzelf leven.

Maar er zijn zoveel mensen die wel voor anderen leven, soms meer dan voor zichzelf zelfs, wat ook niet goed is in mijn beleving, maar die wel wat betekenen in het leven. Die de utopie in elk geval voor een deel nastreven of zelfs bereiken. En soms is dat ook genoeg. Dat moet dat ook zijn. We willen allemaal dat ons leven ergens goed voor is, ook al beleven we dat niet altijd zo. En er zijn genoeg mensen die meer dan 5 tot 10% gelukkig zijn, dat zal best. Het is ook maar een gevoelsinschatting, dat aantal. Ja, er is veel wat we moeten, althans dat we denken dat we moeten, en er is zoiets als ‘willen’. Als we moeten door willen vervangen, klopt het dan nog steeds? Zo niet, dan is het beter dat te stoppen en er iets anders voor te doen. Als het werk je niet bevalt, verander er dan wat aan. Kan dat echt niet of wil je het niet. Dat geldt voor mij ook. Ik heb me bedacht dat ik iets anders met mijn werk wil, ik word niet heel gelukkig van hoe het de afgelopen 3/4 jaar gegaan is. En ik daar iets aan veranderen. Als ik het wil… als ik het durf.

Want om echt te leven, is het echt nodig dat je de moed hebt naast de wil om te veranderen. Om niet slachtoffer te blijven, om niet te blijven hangen in rouw om wat er geweest is, wat er is, of wat je kwijt bent. Vallen en weer opstaan, terug op het paard, weer de weg op, dat is het enige dat erop zit om het leven zinvol aan te gaan en te streven naar meer geluk, niet omdat het moet, maar omdat het kan. Er is altijd ruimte voor verandering, in welke situatie dan ook. Ook al lijkt het niet zo. Verandering van gezichtspunt, omdenken, leidt bijvoorbeeld al tot een hele andere beleving van dezelfde situatie. Dan heb je de situatie nog niet eens veranderd, maar wel hoe je er zelf instaat.

En als er dan echt een verandering is gekomen, dan ga je zien wat dat brengt, hoe spannend ook. En wie weet zal zelfs ik zeggen dat mijn leven zin heeft, ook al is het niet voor voorplanting. Het overbrengen van een boodschap, een levensinstelling, een geloof, een vertrouwen, kijk naar Ghandi, naar Obama, naar moeder Theresa… mensen die zich echt gegeven hebben en iets goeds gebracht hebben. Ook de Trumps van deze wereld kunnen dat niet afnemen, ook al draaien ze het terug. Wat gedaan is, is gedaan. En dat goeds blijft voorleven, de mensen blijven voortleven, hun gedachtengoed blijft doorleven. Het leven van Jezus voor de gelovigen heeft veel gegeven en doet dat nog. Ik heb dat gezien bij mijn moeder, die vol goed vertrouwen zich overgegeven heeft, haar hele leven. Ze heeft het niet makkelijk gehad, maar al haar zwoegen heeft wel wat opgeleverd: kwaliteit van leven voor mij, mijn broer en zus en mijn vader en alle anderen waarmee ze in aanraking kwam. En dat geldt ook voor mijn zus.

Ik begon deze dag met een vrij negatief stuk over de zin van het leven. En ik merk, zoals dat vaker in mijn leven gebeurde, dat ik dat niet kan accepteren voor mezelf, ik wil die stemming niet leidend of lijdend laten zijn. Want anders is er geen leven en is het inderdaad beter het gewoon te beƫindigen, met hulp of zonder. Of het nu mag of niet. Ik wil in elk geval niet op mijn sterfdag spijt hebben. Alles wat ik niet gedaan heb, heb ik op dat moment al dan niet bewust niet gedaan. En daar was een reden voor. En als ik het wel gedaan heb, dan is dat mooi. En als ik het alsnog later heb gedaan ook. Zelfcompassie is het belangrijkste goed van de mens. Misschien is dat wel het hoogste doel van het leven. Lief zijn voor jezelf, ongeacht hoe dat loopt of gelopen is. En trots op jezelf zijn dat je het leven doorstaan hebt op de beste manier als je kon op het moment van het leven zelf. Achteraf oordelen heb je niets aan. Dit alles geldt in elk geval voor mij.

Maar zoals ik eerder al beschreef, veranderde de dag nogal daarna. De middag, na al deze gedachten, besloot ik eerst maar eens naar buiten te gaan. Ik liep met mijn verrekijker en appel de straat uit en ging net de dijk op, toen ik een vrouw wat vertwijfeld rond zal kijken. Ik dacht laat ik eens vragen of ze wat heeft en prompt zei ze dat er een hond in het water lag en dat ze niet wist wat te doen. Dus ik kijken en ja, er stond een golden retriever in het water, die de kant niet op kon komen. Hij had geen grip met zijn voorpoten, gleed telkens weg en kon ook niet met zijn poten afzetten op de bodem. Het was een beetje een oud bessie. Ik zat met mijn appel in de hand ff rustig te kijken hoe we dat zouden doen, maar zij besloot besluitvaardig om de hond eruit te trekken door het bij zijn nekvel te pakken. En hoppa, hij kwam eruit en ging zich direct flink droog schudden. De vrouw werd er nat van. De hond was helemaal blij, ging in het gras rollen en op ons af, zijn blijdschap tonend. Maar ja, wat nu. Er kwamen verschillende mensen met honden langs, en wij vroegen of ze wisten van wie de hond was. Dat wisten ze niet, of ze verwezen naar iemand die ergens in een bepaalde richting woonde… Toen kwam er een jonge vrouw met twee honden, en met zijn drieĆ«n, althans voornamelijk zij twee, besloten we de dierenambulance te bellen. Die waren voorlopig niet in de buurt. Toen de politie maar gebeld, maar verwezen naar de dierenambulance. Die weer gebeld, maar ze zaten in Den Dolder om een gewonde das te verzorgen en zouden over een uur kunnen komen.

Ondertussen ging de hond weer doodleuk het water in, en moesten we het eruit trekken. En daarna nog een keer. Deze keer was het mijn beurt om een natte broek te krijgen. Die was al niet helemaal schoon meer vanwege het feit dat de hond meerdere malen aandacht had gevraagd en gekregen. En geen van de dames kon de hond meenemen naar huis. De ene dame had een nogal schrikachtige hond, de andere was ook niet in de gelegenheid… dus toen besloot ik me maar op te offeren. Ik zei dat ik weliswaar geen hondenspullen heb, geen eten, geen riem, maar dat ie zo lang wel bij mij in de tuin kon. Dus ik met de oorspronkelijke dame naar mijn huis, de ander ging verder met haar honden. De hond liep los gewoon vrijwillig mee, en ging zelfs mee naar achter mijn huis via mijn schuttingdeur. Eenmaal binnen sloot ik snel de deur en appte met de dierenambulance, die ik mijn nummer had gegeven en wie ik had gevraagd mij even een sms te sturen met hun nummer, dat ik achter het huis zat en dus de deurbel niet zou kunnen horen. Want de hond was zeiknat van al dat gebadder en no way zou ik het dus in mijn huis laten. Gelukkig was het mooi weer en zo zat ik eerst op mijn loungebank, maar de hond kwam telkens tegen me aanzitten met zijn natte lijf, dus daarna maar op mijn tuinstoel. De hond liep onrustig rond en besloot in eens mijn struiken in te duiken. Ik schrok me rond, bang voor de ravage die hij zou veroorzaken. Toen, na een half uurtje ongeveer, hoorde ik een geluid en zag ik de hand van de dierenambulanedame boven de schutting uitkomen. Ze was gearriveerd, ik had ook een sms gehad dus redding was nabij.

We gingen naar voren, zij pakte kordaat de hond vast, deed een touw als hondenriem om, en ging op zoek naar een tag. Want de hond had geen riem om gehad en dus was er niets van de hond bekend. Maar ook geen tag…. tja, dan neem ik hem mee naar het asiel, zei ze. Op dat moment kwam mijn opmerkzame buurvrouw op ons af, en zei dat er op het prikbord Lunetten een oproep stond van een vermiste hond. En ja hoor, dat was onze hond, Dobby. Ze riep zijn naam en hij reageerde. En ineens was het helemaal rond, de hond had een naam en een adres, het zou allemaal goed komen. De dierenambulanedame nam hem mee, en zou de eigenares even goed laten weten hoe de situatie was geweest. Ze belde me niet veel later dat ze helemala ontroerd was geweest van blijdschap en dankbaarheid, en dat ze me nog zou bellen om te bedanken. Het ontroerde me dat zij me dit vertelde. Mijn zus zou trots op me zijn geweest. Zij was normaal altijd de redder in nood geweest, elk verlaten of gewond dier had een sanctuary bij mijn zus. En ik, ik moet eerlijk bekennen dat ik me zeer terughouden opstelde bij deze reddingsactie, dat ik zelfs tussendoor overwoog het aan de twee dames over te laten en door te wandelen, maar desalniettemin toch bleef en uiteindelijk de redder uit de nood kon zijn. Wie had dat gedacht.

En toen Dobby weg was, bedacht ik me dat ik misschien toch een hond moest nemen. Niet zo’n hond die mijn struiken in zou duiken, maar wel eentje die ik kon africhten en lekker knuffelen en mee wandelen. Dus ik belde mijn zwager terug, die ik tussentijds ook al had gebeld met het idee dat ik hun hondje Max wel een weekendje wil lenen om te kijken hoe het is om langer een hond over de vloer te hebben. En niet veel later appte mijn schoonzus dat het volgende weekend wel kon. We hebben de afspraak van de overdracht al gemaakt. Ik kon nog wel even wat schade herstellen, want Dobby was blijkbaar ook nog enthousiast gaan graven, op de enige plek in mijn tuin waar nog geen plant stond…

Maar van al dat serie en films kijken kwam daarna nog niet veel. Want door al die actie was ik ineens in de actiemodus en besloot ik de plantenbak te gaan kopen die ik voor naast mijn huis wil hebben om de meidoornstruik in te doen. Ik had al bedacht dat dit een brede bak zou zijn met nog meer planten en met hydrokorrels erin zodat het wat langer water zou vasthouden. Ik dus naar de Intratuin, zo’n bak gevonden, helaas was er maar eentje, en nog een paar bijenplantjes om ernaast te zetten. Er was een gigantische rij bij de kassa, het leek wel of het zwarte vrijdag was, en ik stond ook nog eens in de rij met allerlei probleemgevallen. Ik merkte dat ik ineens naar de wc moest en toch ook wat moe was, en dus werd ik ietwat ongeduldiger. Maar ik kon mezelf tot rust manen en al met al ging het daarna redelijk snel, al kon ik het niet nalaten al die mensen die achter mij hadden gestaan al door de uitgang naar buiten zien lopen… Maar er waren nog genoeg anderen die nog kwamen dus… wat maakte het uit. Het was nogal een toer om de bak, die aardig wat woog, in mijn auto te sjouwen, zonder schade te brengen aan mijn auto. Maar het ging redelijk goed, geen lakschade in elk geval.

Thuisgekomen besloot ik de bak meteen te voorzien van planten, want ik ken mezelf, het kan anders nog wel even duren. Het ging allemaal voorspoedig en niet veel later zaten de hydro korrels erin, de aarde erin, de planten tussen de aarde en de gaten opgevuld met aarde. Flink wat water erover heen gedaan en de bak was klaar. Nu had ik nog vier lavendelplantjes staan, ook van de vogelbescherming, en die moesten nog de grond in. Dus ik wat stenen voor mijn huis eruit gehaald, het worteldoek weggeknipt, het gele zand eruit geschept en gevuld met goede aarde en de vier plantjes op verschillende plekken erin gedaan. Intussen was ik, vanaf moment van de bak halen en alles in de grond, 3 uur verder en was het etenstijd.

En zo, in de avond na mijn eten nog even mijn uitgestelde wandeling gemaakt. Ik kwam een collega tegen waarvan ik niet wist dat hij in Lunetten woonde, met een mooi meid wat ik niet achter hem gezien zou hebben… maar ik liep door, wilde wat sneller weer thuis zijn om in elk geval nog een serie te kijken, Poirot. Echter, verderop kwam ik een man tegen met een mooie schaapshond, die ik aansprak en die vertelde me dat hij in een dierenasiel had gewerkt. Nou ja, hoe is het mogelijk, dacht ik. Zo vaak heb ik het woord dierenasiel niet gehoord, zeker niet op Ć©Ć©n dag. Terwijl zijn hond wat privacy opzocht om zijn drol te laten, vertelde hij me zijn verhaal over het hoe het ging bij het asiel waar hij vrijwilliger was geweest in Enschede. Hij liet honden uit, maar testte de honden ook op hun gedrag door ze mee te nemen naar restaurants en andere gelegenheden om te zien of de hond nu echt zo moeilijk waren, of dat het voormalige baasje wellicht zelf het moeilijke geval was geweest. En vaak bleek het laatste. Maar ja, zo’n baasje zet je niet in het asiel hĆØ… helaas niet kan je soms denken…

Hij vertelde ook dat het helemaal niet natuurlijk is dat een hond direct naast zijn baasje, aan het pad zelf, zijn behoefte doet. De hond leert dit omdat hij de ruimte niet krijgt. Hoe opgelaten zou een hond zich voelen in eerste instantie als hij dit moet doen. Net als ik naast mijn buurman staand, ineens ter plekke ga zitten poepen. Voor hem en voor mij geen prettige ervaring. Maar de hond zal zijn gĆŖne wel kwijtraken in de loop van tijd. En zo mogen wij dus in de poep van andersmans honden stappen. Het ligt dus niet aan de hond, maar (weer) aan het baasje. Vooral als die het niet ook nog opruimt. Wat in de eerste situatie, loslopend, privacy nemend, niet zou hoeven. En de hond kwam na terugkomst naast me staan en liet zich gewillig kroelen achter zijn oren en aaien. Een hele fijne hond weer. Ik kom aardig aan mijn trekken de laatste tijd op dit vlak!

Thuisgekomen verwonderde ik me over de bijzondere dag die ik vandaag gehad had. De tegenstelling van de ochtend en de middag. Ik heb geloof ik nog nooit zo’n zinnige dag gehad als deze dag die ik als onzinnig begon.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s